Sinds de vijfdaagse oorlog van eind april heerst er tussen de buurlanden Cambodja en Thailand een gewapende vrede. De kern van het conflict zijn de wederzijdse aanspraken op meerdere grensgebieden vaak gemarkeerd door duizend jaar oude hindoeïstische tempels. Cambodia en Thailand delen een grens van meer dan 800 kilometer waarvan ongeveer tien procent het feitelijk strijdtoneel vormt. De oorzaak van het conflict ligt in het feit dat in het Frans-Siamese Verdrag van 2007 weliswaar is vastgelegd hoe de grens loopt, maar dat dat leed aan grote onnauwkeurigheid. Dat heeft aan beide zijden van ‘de grens’ steeds opnieuw voer gegeven voor sterke nationalistische tendensen.
Thailand wordt al een eeuw lang getekend door grote politieke beroering. Om iets te noemen: sinds het einde van de absolute monarchie in 1932 heeft het land 20 staatsgrepen meegemaakt waarvan 13 geslaagd en 7 mislukt, en de afgelopen vijf jaar zijn er 280 mensen vervolgd voor majesteitsschennis.
Cambodja kent zijn eigen politieke rollercoaster die in driekwart eeuw geleid heeft tot de volgende serie staatsvormen:
– Koninkrijk Cambodja (Royaume du Cambodge) 1953 – 1970
– Khmerrepubliek onder Lon Nol 1970 – 1975
– Democratisch Kampuchea onder de Rode Khmer 1975 – 1979
– Volksrepubliek Kampuchea onder de Vietnamese bezetting 1979 – 1989
– Staat Cambodja (L’État du Cambodge) onder een overgangsbewind 1989 – 1993
– Koninkrijk Cambodja van1993 tot heden.
De grenskwestie tussen de Cambodja en Thailand heeft dus kort geleden opnieuw geleid tot een grootschalig gewapend treffen. Formeel geldt nu een staakt-het-vuren in afwachting van een vredesakkoord. Dat is nog ver weg alleen al omdat op de grens 76 knelpunten zijn geïnventariseerd waarvan tenminste zes met schier onoplosbare implicaties. Het is niet onwaarschijnlijk dat het op zijn best zal neerkomen op een frozen conflict totdat ooit de tijd de animositeit heeft doen vervagen.
Het conflict zelf gaat over de landsgrens. Maar de laatste tijd is ook weer een maritieme kwestie actueel geworden. Het gaat om het eiland Koh Kood (ook bekend als Koh Kut). Het eiland ligt dicht bij Cambodja in de Golf van Thailand, maar het is internationaal onomstreden dat het tot Thailand behoort. Het enige land dat dit betwist is Cambodja met als argument dat de landgrens die in het Frans-Siamese Verdrag van 1907 werd vastgelegd, niet automatisch geldt als maritieme grens. Feitelijk claimt Cambodja het zuidelijk deel van het eiland en de aangrenzende maritieme zones waar aanzienlijke olie- en gasreserves liggen. Over deze zones bestaat een dispuut onder de naam Overlapping Claims Area (OCA). In 2201 sloten Thailand en Cambodja een memorandum om de onderzeese rijkdommen samen te gaan exploiteren, maar dat is ongewis geworden. Cambodja stelt dat maritieme grenzen apart moeten worden vastgesteld conform modern internationaal zeerecht en hanteert daarbij als uitgangspunt dat het omliggende continentaal plat onder haar maritieme jurisdictie valt. Cambodja zou nu overwegen ook deze kwestie voor te leggen aan het Internationaal Gerechtshof. Thailand wijst dit af en eist correcte toepassing van het VN-Zeerechtverdrag UNCLOS dat immers geen historische- maar alleen geografische en juridische criteria hanteert. Cambodja heeft het Zeerechtverdrag nog niet volledig geratificeerd en dat maakt de zaak voor Thailand sterker.
Het is opmerkelijk dat premier Hun Manet het lijkt te ontwijken om op dit moment diepgaand op de kwestie in te gaan terwijl deze luidkeels wordt behartigt door de diaspora-organisatie Khmer Movement for Democracy onder leiding van Mu Sochua. Deze club vertegenwoordigt vrijwel de enige oppositionele stem tegen wat zij noemt: “het corrupte regiem van Cambodja dat veel te makkelijk geografische concessies doet aan buurlanden.”
Ontdek meer van Cambodja Glim en Grim
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.